
In de politiek en op internet roepen veel mensen om zwaardere straffen. Het voelt logisch: als we oplichters harder aanpakken en langer opsluiten, stopt de criminaliteit vanzelf.
Of het nu gaat om zorgfraude aan het bed, een babbeltruc aan de voordeur of fraude op internet.
Maar de werkelijkheid is anders. Wetenschappelijk onderzoek laat al tientallen jaren zien dat strenger straffen oplichting nauwelijks tegengaat.
Als we slachtoffers echt willen helpen, moeten we luisteren naar wat de wetenschap ons leert over het gedrag van daders.
Waarom zwaardere straffen niet afschrikken
Het idee dat zware straffen helpen, komt door een denkfout. Veel mensen denken dat een oplichter vooraf een slimme rekensom maakt. We denken dat hij de winst vergelijkt met de kans op een gevangenisstraf.
In de praktijk werkt het brein van een oplichter heel anders:
- De dader denkt dat hij slim is: Oplichters gaan er bij het plegen van hun misdrijf altijd van uit dat ze niet gepakt worden. Of iemand nu met een smoesje geld steelt van een oudere dame, of fraudeert met zorggeld; de dader denkt dat hij te slim is voor de politie. Als een dader denkt dat de pakkans nul is, maakt het hem niet uit of de straf 4 jaar of 20 jaar cel is.
- De gevangenis als leerschool: Gevangenissen werken in de praktijk vaak als een plek waar criminelen van elkaar leren. Daarnaast verliest een dader in de cel vaak zijn werk en zijn huis. Cijfers van onderzoekers laten zien dat een korte gevangenisstraf de kans op herhaling juist groter maakt. Daders die kort vastzitten, plegen daarna vaker opnieuw een misdrijf dan daders die een taakstraf krijgen.
📖 Dieper in de cijfers duiken?
Lees binnenkort in Deel 1 van ons Dossier Oplichters Strenger Straffen? Waarom de harde hand de dader niet stopt. Een duidelijke uitleg van het grote overheidsonderzoek naar waarom celstraffen niet afschrikken.
📖 Het effect achter de gevangenismuren?
Lees binnenkort in Deel 2 van ons Dossier Oplichters Strenger Straffen?: De Gevangenisschool. Waarom onderzoekers concluderen dat een korte celstraf juist zorgt voor meer nieuwe misdrijven.
De realiteit: Wat zijn de huidige straffen?
Om te begrijpen waar het probleem zit, moeten we kijken naar de wet. Volgens de Nederlandse wet is de maximale straf voor oplichting 4 jaar gevangenisstraf of een geldboete van de vijfde categorie. Sinds 1 januari 2026 is dat maximaal € 110.000,-.
Rechters bepalen de straf aan de hand van alle omstandigheden van de zaak. Daarbij spelen onder meer de hoogte van het gestolen bedrag, het aantal slachtoffers, de kwetsbaarheid van het slachtoffer, eerdere straffen (recidive) en hoe professioneel de fraude is opgezet een rol. Richtlijnen en oriëntatiepunten geven richting, maar zijn geen vaste uitkomst: de rechter kan daar altijd van afwijken.
| Gestolen bedrag / Situatie | Welke straf ligt volgens richtlijnen vaak in beeld? |
| Kleine bedragen (tot € 10.000,-) | Bij daders zonder strafblad (first offenders) varieert dit vaak van een geldboete of taakstraf tot, bij bedragen vanaf € 5.000,-, een taakstraf met een voorwaardelijke gevangenisstraf. |
| Middelgrote bedragen (€ 10.000,- tot € 30.000,-) | In de officiële richtlijn wordt bij een dader zonder strafblad vaak gedacht aan een taakstraf van bijvoorbeeld rond de 140 uur, in combinatie met een voorwaardelijke gevangenisstraf. |
| Misbruik van kwetsbare mensen | Het bewust uitkiezen van kwetsbare slachtoffers is een strafverzwarende omstandigheid. Daardoor kan de straf hoger uitvallen dan de basisrichtlijn. |
| Grote bedragen (€ 30.000,- tot € 100.000,-) | Bij een dader zonder strafblad noemt de richtlijn een gevangenisstraf van ongeveer 3 tot 6 maanden, eventueel deels voorwaardelijk. Bij herhaling, meerdere slachtoffers of professionele fraude kan dit hoger worden. |
Voor slachtoffers voelen deze straffen vaak te laag. Maar langere celstraffen lossen het probleem niet op. Het gestolen geld is dan vaak al uitgegeven of weggemaakt. Het slachtoffer blijft achter met lege handen en veel stress. Waarom willen we als maatschappij dan toch zo graag zware straffen?
📖 Waarom willen we zo graag wraak?
Lees binnenkort in Deel 3 van ons Dossier Oplichters Strenger Straffen?: De kloof tussen de borreltafel en de rechtszaal. Waarom we zwaarder willen straffen, totdat we alle details van een zaak horen.
Wat wél helpt: Een slimme aanpak
Als onderzoekers en fraude-experts pleiten wij niet voor harder straffen, maar voor slimmer en effectiever optreden. De wetenschap laat zien dat we oplichting op drie manieren echt kunnen aanpakken:
1. De kans om gepakt te worden vergroten
Het enige dat daders echt afschrikt, is de angst om ontdekt te worden. Hiervoor zijn geen zwaardere wetten nodig, maar wel meer controleurs in de zorg, betere opsporing op straat en slimme digitale recherche.
2. Direct het geld afpakken (‘Pluk ze’-beleid)
Oplichters doen hun werk om snel rijk te worden van andermans geld. De beste straf is dan ook om direct hun vermogen af te pakken. Justitie moet veel sneller bankrekeningen, huizen en dure spullen van verdachten kunnen blokkeren. Dit moet al gebeuren vóór de rechtszaak begint. Dit geld moet daarna direct terug naar de gedupeerde slachtoffers of de zorgkas gaan.
3. Het systeem veiliger maken (Barrières opwerpen)
De beste manier om slachtoffers te beschermen, is oplichting praktisch onmogelijk maken. Bijvoorbeeld door strenge administratieve controles in de zorg, zodat fraudeurs er niet tussenkomen. Of door goede voorlichting over babbeltrucs aan de deur. Als we de gaten in het systeem dichten, stoppen we de oplichters echt.
📖 Het plan voor een veilige toekomst?
Lees binnenkort in Deel 4 van ons Dossier Oplichters Strenger Straffen?: Slimmer straffen. Hoe we daders financieel en praktisch machteloos maken volgens de nieuwste onderzoeken.
Dit artikel is het begin van ons dossier over straffen en oplichting. Wilt u meedenken over hoe we slachtoffers beter kunnen helpen in de rechtszaal? Of heeft u zelf ervaring met justitie na een fraudezaak? Laat uw reactie achter onder dit artikel.


Geef een reactie