Impasse Confiscatierichtlijn Doorbreken: Open Brief aan Minister Van Weel over het Slachtofferfundament als Juridisch Uitgangspunt

In reactie op het kritische advies van de Raad van State omtrent het wetsvoorstel ter implementatie van de Europese Confiscatierichtlijn richt Stichting Slachtoffers Eerst! zich door middel van deze open brief rechtstreeks tot minister Van Weel van Justitie en Veiligheid.

De Raad van State heeft geoordeeld dat het huidige wetsvoorstel niet in deze vorm aan de Tweede Kamer kan worden aangeboden vanwege fundamentele wetstechnische gebreken.

In deze brief reikt de stichting de minister de ontbrekende bouwstenen aan, gebaseerd op ons vigerende Financieel Confiscatiemodel, om de wetgeving te repareren en tevens de rechtspositie van het slachtoffer structureel te verankeren.

Kernpunten

  • Het slachtofferfundament legitimeert de harde confiscatie-ingreep en lost het proportionaliteitsbezwaar van de Raad van State omtrent het eigendomsrecht direct op.
  • Een objectief beslissingskader is noodzakelijk om de officier van justitie duidelijke kaders te bieden bij de keuze tussen pure vermogensconfiscatie en reguliere strafvervolging.
  • Gegevensdeling is essentieel om het toezichttekort bij lokale overheden op te heffen; privacywetgeving mag niet fungeren als een schild waarachter daders geconfisqueerd vermogen verbergen.
  • Feitelijk hoger beroep moet behouden blijven om te voorkomen dat de wet in een latere fase sneuvelt bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM).

Open Brief

Aan: De Minister van Justitie en Veiligheid
De heer D. van Weel
Schedeldoekshaven 100
2511 EX ‘s-Gravenhage

Betreft: Wetstechnische reparatie implementatiewet Europese Confiscatierichtlijn naar aanleiding van het advies van de Raad van State

Den Haag, 26 augustus 2026

Edelachtbare minister,

Het recente, kritische advies van de Raad van State omtrent het wetsvoorstel ter implementatie van de Europese Confiscatierichtlijn heeft de wetgevingsagenda voor het afpakken van crimineel vermogen in een juridische impasse gebracht. De Raad oordeelt dat het voorstel in de huidige vorm niet aan de Tweede Kamer kan worden aangeboden.

Als onafhankelijke denktank voor de veiligheidsketen deelt Stichting Slachtoffers Eerst! de wetstechnische zorgen van de Raad, maar wij constateren tegelijkertijd dat de oplossing voor deze impasse binnen uw handbereik ligt. De sleutel tot de noodzakelijke reparatie bevindt zich in het consequent verankeren van een Slachtofferfundament.

De Raad van State zet terechte vraagtekens bij de proportionaliteit van de zogenaamde ‘nationale koppen’, de wens van de regering om een breder toepassingsbereik te hanteren dan strikt Europeesrechtelijk is voorgeschreven, in relatie tot het grondrecht op eigendom.

Deze schijnbare inbreuk op het eigendomsrecht lost u wetstechnisch onmiddellijk op door de bestemming van de geconfisqueerde gelden te wijzigen. In het huidige voorstel verdwijnt het afgepakte daderkapitaal in de algemene middelen van de schatkist, wat de maatregel het karakter geeft van een pure overheidssanctie.

Wanneer u in de wettekst dwingend vastlegt dat elk geconfisqueerd vermogensbestanddeel bij voorraad wordt geoormerkt voor de directe, materiële schadeloosstelling van de gedupeerde burgers, verschuift de juridische kwalificatie van ‘onproportionele onteigening’ naar ‘rechtvaardig civielrechtelijk rechtsherstel’. Het slachtofferfundament legitimeert daarmee de harde handhavingsingreep aan de voorkant.

Daarnaast honoreert dit fundament de noodzaak voor een helder en objectief beslissingskader bij de nevenschikking van strafrechtelijke instrumenten.

De officier van justitie mag momenteel kiezen tussen reguliere strafvervolging en pure, losstaande vermogensconfiscatie (non-conviction based confiscation), zonder dat de wetgever duidelijke criteria stelt.

Om willekeur en rechtsongelijkheid te voorkomen, adviseert de stichting u om ons Financieel Confiscatiemodel te integreren. Dit model introduceert een objectief stroomschema: pure vermogensconfiscatie wordt de dwingende norm bij anonieme of onvindbare daderstructuren, zoals facilitators achter digitale vermogensfraude of zorgcriminaliteit, terwijl nevenschikking uitsluitend wordt toegepast wanneer de fysieke aanhouding van de dader noodzakelijk is voor de acute openbare orde.

Tot slot signaleert de Raad van State een gebrek aan motivering bij de voorgestelde wijziging van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens. Het voorstel maakt het delen van confiscatiegegevens met de reclassering en gemeenten mogelijk, maar verzuimt uit te leggen waarom dit noodzakelijk is.

De stichting adviseert u deze handschoen direct op te pakken. Deze gegevensdeling is namelijk de operationele sleutel om het chronische toezichttekort bij lokale overheden op te lossen.

Wanneer malafide actoren gemeentelijke budgetten misbruiken, tasten zij de lokale veiligheid aan. Gemeenten kunnen hun poortwachtersfunctie uitsluitend uitvoeren als zij realtime weten welke entiteiten of bestuurders civiel- of strafrechtelijk zijn geconfisqueerd. Kader deze gegevensdeling strikt in binnen het doelbindingsbeginsel: het delen van informatie is uitsluitend toegestaan ter voorkoming van herhaald slachtofferschap en het stopzetten van publieke geldstromen naar gecriminaliseerde netwerken.

Privacy mag nooit verworden tot een vrijbrief voor crimineel vermogensbeheer.

Wat betreft het uitsluiten van feitelijk hoger beroep bij de nieuwe confiscatieprocedures sluit de stichting zich aan bij de waarschuwing van de Raad. Het gijzelen van de rechtsbescherming omwille van de doorlooptijden in de strafrechtketen is een strategische weeffout; het risico is levensgroot dat de wet in een latere fase door het Europees Hof voor de Rechten van de Mens onverbindend wordt verklaard. Een robuuste rechtsstaat duldt geen afsnijroutes. Behoud het recht op hoger beroep, maar versnel de procedure door de introductie van een gespecialiseerde ‘Confiscatiekamer’ binnen de bestaande gerechtshoven.

De stichting nodigt u en uw beleidsambtenaren van harte uit om deze wetstechnische reparaties concreet uit te werken, zodat de herinrichting van de handhavingsketen geen vertraging oploopt.

Met hoogachtende groet,

Stichting Slachtoffers Eerst!
Het Bestuur

Dictum

Stichting Slachtoffers Eerst! stelt vast dat het huidige implementatievoorstel voor de Europese Confiscatierichtlijn zonder radicale aanpassingen gestrand is.

Stichting Slachtoffers Eerst! concludeert dat minister Van Weel de impasse dwingend dient te doorbreken door de reparatie te stoelen op het Slachtofferfundament.

Wij adviseren de minister dringend om het geconfisqueerde vermogen wettelijk te oormerken voor slachtoffercompensatie, een sluitend beslissingskader voor het Openbaar Ministerie te verankeren, de noodzaak tot doelgerichte gegevensdeling met lokale overheden expliciet te motiveren binnen de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens, en de rechtsbescherming in hoger beroep te garanderen middels gespecialiseerde hofkamers.

Bronvermelding

Beeldverantwoording

Foto: Raad van State/Tineke Dijkstra

Reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *