De effectiviteit van de strafrechtsketen bij grootschalige fraude valt of staat met het raken van de dader in diens economische motieven. Zolang justitiële interventies zich primair richten op de vrijheidsstraf achteraf, blijft het weggesluisde criminele vermogen buiten schot en het slachtoffer achter met de financiële schade. In aansluiting op het hoofdmemorandum…