De Zorgpolitie bestaat niet: wie pakt zorgfraude eindelijk effectief aan in Nederland?

Zorgfraude kost veel geld. Het schaadt ook het vertrouwen in de zorg. En het raakt mensen die goede en veilige zorg nodig hebben.

Toch is de aanpak verdeeld over veel organisaties. Daardoor is niet altijd duidelijk wie waarvoor verantwoordelijk is.

In dit artikel lees je welke organisaties zorgfraude aanpakken. Ook lees je waarom juist de versnippering van die aanpak het grootste probleem is. Zolang er geen duidelijke regie is, blijft de schade groter dan nodig.

1. Hier komen signalen van fraude samen

  • Stichting Informatieknooppunt Zorgfraude (St. IKZ): Hier komen signalen over zorgfraude bij elkaar. De organisatie deelt informatie met andere partijen en helpt bij het maken van een compleet dossier.
    • Wat het IKZ doet: Het IKZ verzamelt signalen, vult die aan met extra informatie en deelt die met de juiste organisaties.
    • Rol bij Wmo en Jeugdwet: Gemeenten kunnen signalen doorgeven aan het IKZ. Het IKZ voegt informatie toe van andere instanties en stuurt het dossier terug.

2. Deze organisaties houden toezicht

3. Wie fraude al vroeg moet stoppen

  • Gemeenten: Gemeenten controleren aan de voorkant. Zij kijken bijvoorbeeld of iemand goed met een pgb kan omgaan en of afgesproken zorg echt is geleverd.
  • Sociale Verzekeringsbank (SVB): De SVB beheert het geld van pgb’s. De organisatie controleert vooraf overeenkomsten en declaraties.
  • Zorgverzekeraars Nederland (ZN): ZN deelt kennis over fraude en helpt bij systemen die malafide zorgaanbieders moeten tegenhouden.

4. Opsporing en straf

  • Belastingdienst: De Belastingdienst kijkt naar cijfers en belastingaangiften van zorgaanbieders. Zo kunnen opvallende winsten of andere signalen van fraude aan het licht komen.
  • FIOD: De FIOD onderzoekt zorgfraude als er ook sprake is van belastingfraude of witwassen. De dienst probeert ook geld op te sporen dat is weggesluisd.
  • Openbaar Ministerie (OM): Het OM leidt zware strafzaken over zorgfraude en brengt zaken voor de rechter.
  • FIU-Nederland: Deze organisatie bekijkt opvallende geldstromen. Als dat nodig is, meldt zij die als verdacht aan het OM.

Wie doet wat?

OrganisatieRolWat deze organisatie doetHoe ze ingrijpen
St. IKZ1Brengt signalen van fraude bij elkaar en deelt informatieSignalen koppelen en dossiers aanvullen
NZa2Controleert declaraties en ontvangt meldingen van fraudeWaarschuwingen en boetes
NLA (Arbeidsinspectie)2Onderzoekt grote zaken van fraude met pgb en zorg in naturaStrafrechtelijk onderzoek
IGJ2Let op kwaliteit en veiligheid van zorgIngrijpen of instelling sluiten
Gemeenten3Controleren lokaal of zorg en budgetten kloppenContract stoppen of budget intrekken
SVB3Beheert pgb-geld en controleert voorafBetalingen tegenhouden
Belastingdienst4Kijkt naar cijfers, winst en belastingaangiftenNaheffing en signalen doorgeven
FIOD4Onderzoekt witwassen en belastingfraude rond zorgfraudeOnderzoek en beslag leggen
OM4Leidt zware strafzaken over zorgfraudeVervolgen via de rechter
FIU-Nederland4Bekijkt opvallende geldstromenMeldt verdachte transacties

Wat kost de aanpak van zorgfraude?

Niemand heeft één compleet bedrag voor de totale kosten van de aanpak van zorgfraude. Dat komt omdat veel organisaties hier geld en mensen voor inzetten uit hun gewone budget.

We weten het dus niet precies.

Wel is duidelijk dat de overheid extra geld vrijmaakt en dat er centrale kosten zijn voor de samenwerking.

1. Kosten die we goed kunnen zien

  • Centrale regie (IKZ): Het draaiend houden van de centrale organisatie van de Stichting IKZ bedraagt circa € 1,5 miljoen per jaar, blijkt uit het jaaroverzicht van het IKZ.
  • Extra miljoenen vanaf het kabinet: Via het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA) stelt de overheid flink meer geld beschikbaar voor de voorkoming, opsporing en bestraffing van zorgfraude. Dat budget loopt vanaf 2027 op en bedraagt vanaf 2030 structureel € 50 miljoen per jaar extra, volgens Rijksoverheid.

2. Kosten die minder zichtbaar zijn

Een groot deel van de kosten zie je niet direct terug. Veel werk zit in de dagelijkse inzet van toezichthouders, onderzoekers en juristen.

  • Toezicht en handhaving: Organisaties zoals de NZa, IGJ en Arbeidsinspectie zetten elke dag veel mensen in om fraude op te sporen.
  • Opsporing en rechtszaken: Onderzoek en strafzaken kosten veel tijd en geld.
  • Gemeenten en verzekeraars: Ook gemeenten en zorgverzekeraars betalen zelf voor controles, juristen en fraudeteams.

Waarom een exacte berekening ontbreekt

De Algemene Rekenkamer concludeerde in 2022 in haar rapport ‘Een zorgelijk gebrek aan daadkracht’ dat de keten vooral veel overlegt, maar dat er juist door de versnippering geen centraal inzicht is in de inzet van FTE’s en middelen per instantie.

Een gemeente financiert toezichthouders vanuit het gemeentefonds, het OM gebruikt reguliere opsporingsbudgetten en verzekeraars betalen fraudeteams uit de premiegelden, etc.

De schade is veel groter dan de kosten van de aanpak

De aanpak van zorgfraude kost veel geld. Maar de schade door fraude is nog veel groter.

Volgens het Openbaar Ministerie en andere experts verdwijnt er elk jaar ongeveer € 10 miljard aan zorggeld in verkeerde handen. Daarom vinden veel mensen dat de investering in de aanpak nog klein is.

Waarom alleen meer geld niet genoeg is

Meer geld helpt, maar lost het probleem niet vanzelf op. Dat komt door regels, moeilijke samenwerking en een ingewikkeld zorgsysteem.

1. Organisaties mogen niet zomaar informatie delen

  • Informatie delen is lastig: Door privacyregels mogen organisaties gegevens niet zomaar met elkaar delen.
  • Fraudeurs kunnen doorschuiven: Iemand die fraude pleegt bij de ene partij kan soms doorgaan bij een andere partij.
  • Nieuwe wetgeving duurt lang: Regels die samenwerking makkelijker moeten maken, zijn al jaren in voorbereiding.

2. Het systeem is groot en ingewikkeld

  • Er is geen centrale leiding: Veel verschillende organisaties zijn betrokken bij de aanpak van zorgfraude.
  • Niet overal is genoeg kennis: Vooral kleine gemeenten hebben soms te weinig mensen of kennis om goed te controleren.
  • Declaraties zijn moeilijk: Het is niet altijd makkelijk om te zien of iets een fout is of echte fraude.

3. Het systeem werkt vaak op vertrouwen

  • Eerst betalen, later controleren: In de zorg wordt vaak eerst betaald en pas later gecontroleerd. Dat maakt snelle hulp mogelijk, maar geeft fraudeurs ook kansen.
  • Starten was lang te makkelijk: Het was lang eenvoudig om een zorgbedrijf te beginnen. Daardoor konden ook verkeerde aanbieders instappen.

4. Fraudezaken kosten veel tijd en geld

  • Onderzoek duurt lang: Grote zaken van zorgfraude duren vaak jaren.
  • Geld terughalen lukt vaak niet: Als een zaak eindelijk voor de rechter komt, is het geld vaak al verdwenen.

Wat de overheid nu wil verbeteren

De overheid wil fraude eerder stoppen. Daarom komt er meer aandacht voor controles aan de voorkant, strengere regels voor zorgaanbieders en betere computersystemen om fraude sneller te zien.

Foto ©Tweede Kamer der Staten-Generaal

Wat zorgfraude doet met slachtoffers

Zorgfraude gaat niet alleen over geld. Het gaat ook over mensen die zorg nodig hebben en daar de dupe van worden.

Soms verdwijnt zorggeld, worden diploma’s vervalst of wordt zorg alleen op papier geleverd. Dan krijgen kwetsbare mensen niet de hulp die zij nodig hebben.

De IGJ waarschuwt dat mensen dan zorg kunnen krijgen van onbevoegde of onkundige medewerkers. Ook kan noodzakelijke hulp uitblijven.

Dat schaadt niet alleen slachtoffers, maar ook de veiligheid van en het vertrouwen in de zorg.

Daarom moet de aanpak van zorgfraude niet alleen gaan over geld terughalen en toezicht. Het moet ook gaan over:

  • bescherming van slachtoffers,
  • erkenning van hun schade,
  • directe ingrepen wanneer zorg uitblijft
  • en de harde norm dat wie misbruik maakt van kwetsbare mensen geen plaats heeft in de zorg.

Welke ministeries en ministers zijn verantwoordelijk voor het bestrijden van deze uitslaande brand?

Foto Pixabay

De instanties uit de fraudebestrijdingsketen vallen onder de politieke verantwoordelijkheid van vier verschillende ministeries en hun specifieke ministers.

Dit maakt fraudepreventie en -bestrijding op bestuurlijk niveau complex, omdat maatregelen altijd over meerdere ministeriële bureaus heen moeten worden afgestemd.

Binnen het huidige kabinet-Jetten zijn de verantwoordelijkheden als volgt verdeeld:

1. Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS)

Dit ministerie draagt de hoofdverantwoordelijkheid voor de zorgwetgeving en het zorgstelsel. Er is een specifieke taakverdeling tussen twee ministers:

2. Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW)

Dit ministerie is verantwoordelijk voor de rechtmatige uitvoering van budgetten en de opsporing van fraude op de arbeidsmarkt en sociale zekerheid.

  • Minister van SZW (Hans Vijlbrief): Politiek verantwoordelijk voor de Nederlandse Arbeidsinspectie (NLA) (die in opdracht van VWS de strafrechtelijke zorgfraude-onderzoeken doet) en de Sociale Verzekeringsbank (SVB) die het PGB-trekkingsrecht beheert.

3. Ministerie van Financiën

Dit ministerie is verantwoordelijk voor de rijksfinanciën, de belastingheffing en de bestrijding van financieel-economische criminaliteit.

  • Minister van Financiën (Eelco Heinen): Politiek verantwoordelijk voor de Belastingdienst, de FIOD (als fiscale opsporingsdienst) en de Financial Intelligence Unit (FIU-Nederland) die ongebruikelijke geldstromen filtert.

4. Ministerie van Justitie en Veiligheid (JenV)

Dit ministerie gaat over de wetshandhaving, opsporingsbevoegdheden en strafrechtelijke vervolging.

  • Minister van Justitie en Veiligheid (David van Weel): Politiek verantwoordelijk voor de prioriteiten en de begroting van het Openbaar Ministerie (Functioneel Parket). De minister bepaalt de kaders waarbinnen het OM zorgfraudeurs strafrechtelijk voor de rechter brengt.

De Uitzondering: Gemeenten en de Wmo

Gemeenten nemen in dit overzicht een unieke positie in. Zij vallen niet onder de directe hiërarchische verantwoordelijkheid van één minister.

  • Lokale Autonomie: Gemeenteraden en de Colleges van B&W bepalen zelf hoe zij hun Wmo-toezicht rechtmatigheid inrichten via lokale verordeningen.
  • Systeemverantwoordelijkheid: De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (Pieter Heerma) houdt enkel algemeen toezicht op de financiën en het functioneren van gemeenten, terwijl de Minister van VWS (Sophie Hermans) stelselverantwoordelijk is voor de wetten (Wmo/Jeugdwet) die de gemeenten moeten uitvoeren. [1, 2]

Hoog tijd voor een Zorgpolitie

De kern van het probleem is niet dat er te weinig organisaties zijn, maar dat ze te veel naast elkaar (moeten) werken.

Zolang de aanpak van zorgfraude zo enorm versnipperd blijft, gaat er te veel tijd, geld en aandacht verloren.

Minder versnippering en meer duidelijke regie zijn nodig om fraude sneller te stoppen en de schade voor slachtoffers en de samenleving veel kleiner te maken. Slachtoffers Eerst! zal met verbetervoorstellen komen.

Tot die tijd blijft Nederland een Oplichtersparadijs.

Geraadpleegde bronnen

Binnenlands Bestuur — OM: zorgfraude 10 miljard per jaar

Financial Crimes and Fraud — Why healthcare still accepts fraud levels other industries wouldn’t

Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd — Fraude in de zorg

Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd — 424 signalen over zorgfraude bij Informatie Knooppunt Zorgfraude

Informatie Knooppunt Zorgfraude — Rapport signalen fraude in de zorg 2023

NPO Radio 1 — Fraude in de zorg: miljarden euro’s vallen in de verkeerde handen

Openbaar Ministerie — Aanpak van zorgfraude

Rijksoverheid — Fouten en fraude in de zorg

Rijksoverheid — Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA)

Zorgfraude dit jaar
€ 0
Naar het Zwartboek

Reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *